Zo zoel, zo zacht – (Tan dulce, tan suave -)

 
Jij zag dit nooit toch
deed ik alsof
dat je er was en
alles zag.
Jamás has visto eso, no obstante
simulé
como si estuvieses
y vieras todo.
 
Soms schreef ik fraaie
onzin door de wazige
grens van de nacht
zette ik stom
een komma neer die er
niet hoorde en dacht
weer aan jou.
En ocasiones escribí bellas historias
a través de la línea borrosa
de la noche,
puse indebidamente
coma cuando no debía consignar,
entonces pensé
otra vez en ti.
 
Ik zag je niet toch
wist ik dat je er was
dat je omkeek en
mij zag, zwaaide zelfs
zo zoel en zacht, een zucht –
No te vi, no obstante
supe que estuviste,
que mirabas hacia atrás
y me mirabas, saludabas con la mano
tan dulce y suave, un suspiro –
 
Ik deed net of ik de kruimels van
je woorden opraapte
blies het stof weg van
je brieven, het roze lintje
verbleekte –
Hice como si recogiera
las migas de tus palabras,
soplé para quitar el polvo
de tus cartas, la cinta rosada
se deslució –
 
Jij zag dit nooit toch
deed ik alsof,
dat je er was en
alles zag.
Jamás has visto eso, no obstante
simulé
como si estuvieses
y vieras todo.
 
Jouw woorden waren
genesteld onder mijn huid
last van losknopen
letters stromen weg
in koud vuur –
Tus palabras estaban
animadas bajo mi piel
con la dificultad de desatar
las letras que se derraman
en un fuego frío.
 
 
Rim Sartori Vert. Fa Claes – Luis Manuel Pérez-Boitel