V&D

Zij was het soort vrouw, die ongewild in allerlei rare situaties terechtkwam.
Daar hoefde zij niets voor te doen, dat ontstond.
Gisteren bijvoorbeeld liep ze bij V & D gewoon te winkelen.

Ze pakte een truitje van een stapeltje af en liep daarmee naar het pashokje.
Toen ze het aan wilde doen, zag ze dat er een gaatje aan de achterkant in zat. Een brandvlek nog wel. Zeker iemand die een sigaret heeft staan roken, dacht ze.
Ze schoof het gordijn open van het pashokje en schoof het weer dicht.
Ze deed niets bijzonders, deed het niet hard of zacht, maar gewoon dicht.
Prompt gleed het gordijn van de stok af…

En daar stond ze dan met het truitje met brandgat en het gordijn in haar hand.
Gelukkig had ze het truitje nog niet aangedaan, anders hadden ze vast gedacht dat zij dat gat er in had gemaakt. Ze zou het gauw weer op het stapeltje leggen. Niemand keek naar haar,iedereen liep haar voorbij alsof het de normaalste zaak van de wereld was dat zij daar zo voor joker stond.
Ze wilde een verkoopster roepen, maar die was nergens te bekennen.
Ja, wat nu, vroeg ze zich af terwijl ze het gordijn maar over de stang heen drapeerde en liep toen met het truitje in haar hand het pashokje uit. Legde het truitje weer op de tafel waar ze het van had afgehaald had en liep de afdeling af, naar de uitgang toe.

Op het moment, dat ze door de alarmpoortjes liep, loeide de sirene, kei- en keihard! Onmiddellijk werd ze in haar kraag gevat, door ‘een stille’!
‘Mag ik even in uw tas kijken mevrouw,’ zei hij, ‘ wilt u mij even volgen!’
Met een vuurrode kop, liep ze achter de man aan, ze schaamde zich dood.
Iedereen keek naar haar.

‘Ik heb niks te verbergen hoor’ zei ze ferm, ‘ik heb dat brandgat er niet in gemaakt, en het gordijn zat ook niet goed vast anders was het nooit naar beneden gedonderd!’
De ’stille’ antwoordde niet, pakte haar tas van haar schouder en deed het open en bekeek alles heel zorgvuldig na.
‘Mag ik even in uw zakken voelen mevrouw?’ ging hij onverstoorbaar door.
‘Ja hoor, u doet maar! Ik heb niks te verbergen, en het is ook mijn schuld niet hoor, er was geen winkeljuffrouw te bekennen. Daar moet u eens
wat aan doen! Service, phoe , ‘t mocht wat. Winkelpersoneel, dat mankeert er hier aan.’ Goed personeel, die komen als je ze iets wilt vragen. Het was een ‘ongelukje’, dat was het, meer niet! Dit is bespottelijk dat u mij zo ‘betast en besnuffeld’ . Ik heb niks meegenomen hoor, alles ligt er nog net zo, bovendien wil ik niets hebben wat beschadigd is!’
Terwijl ze maar doorratelde gaf ‘de stille’ haar tas terug.
‘ Dank u wel mevrouw, u bent ‘clean’, ik zal u even uitgeleide doen naar de uitgang.
Niks aan de hand, sorry voor het ongemak. Dag mevrouw, tot de volgende keer.’